Als een Japanner

Voor het schilderij de Brieflezende vrouw van Johannes Vermeer staat een gids met een aandachtig gezelschap. De museumman praat met zijn ogen, indringend. Af en toe stelt hij een vraag aan de groep: ‘Wat ziet u in het kleurgebruik?’ Het is even stil, niemand wil iets doms zeggen. Uiteindelijk klinkt het vanaf de voorste rij een beetje bedeesd: ‘Eh, het is alleen oker en blauw.’ Ha, gelukkig. Het is precies wat de man wil horen. ‘Inderdaad. Oker en blauw, zelfs de schaduwen zijn oker en blauw, ziet u wel?’ De luisteraars knikken, de gids komt lekker los: ‘Dit schilderij is zo puur, zo Hollands. De dame zo sereen. Moet u eens zien: ze staat zo ingetogen, dat je er zelf stil van wordt.’ De groep zucht.

Wil ik ook op commando genieten in een tempo dat een gids bepaalt? Hm, vandaag niet. De poorten van het Rijks sluiten al om vijf uur. Als je drie uur in de trein hebt gezeten om van Limburg in Amsterdam te komen en daarna nog een half uur in de rij mag staan, wil je graag wat meer zien dan de brieflezende vrouw in een lapis-lazuliblauw jakje.

Om vijf voor vijf  vind ik mijzelf starend terug op een bankje voor het doek van de slag bij Waterloo. Uitgeteld. Ik heb me gedragen als een Japanner in Europa: in no time ben ik van het ene meesterwerk naar het andere gehopt en nu zit ik met de brokken. 125.000 collectiestukken vechten om een plaats in mijn te kleine hoofd. De volgende keer ga ik alleen, maar dan ook echt alleen, voor het Melkmeisje.

Deze column is gepubliceerd in Dagblad de Limburger en het Limburgs Dagblad van 9 augustus 2013

6 gedachten over “Als een Japanner”

  1. ik heb bij mijn ouders thuis jaren tegen een replica van het melkmeisje aangekeken, was niet verkeerd, dus veel plezier de volgende keer!!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.