Heen en weer

 

Illustratie: Annemiek Janmaat

Vanaf de kade gezien lijkt het pontje van de Vlaamse Waterwerken net groot genoeg voor het vervoer van twee koeien en een half varken. Maar eenmaal aan boord, blijkt dat de wit-blauwe Jung II plaats heeft voor wel twaalf personen. Aan de reling plakt een A4-tje in een plastic hoes. ‘Ticket nemen verplicht’ staat erop. Met daaronder in blokletters het waarom: ‘Dit kan gecontroleerd worden.’

Terwijl de bootsvrouw met de portefeuille in de hand langs de passagiers gaat, koerst de kapitein -witte haren, strakke blik, denkbeeldige pijp- het pontje in een wolk diesel naar de overkant. De taakverdeling is duidelijk. Hij de techniek, zij de babbel. Ze knikt met haar hoofd noordwaarts, waar een paar stenen boven het wateroppervlak uitsteken. ‘Laatst zag ik er nog ene te voet oversteken. Ene met lange benen.’ Ze lacht: ‘Als ik dat zou doen, zou het water me toch tot hier komen.’ Hier, dat is waar haar vrije hand blijft steken, ter hoogte van haar borst. Dan schuifelt ze op haar stoffen schoenen terug naar de kapitein in de minikajuit om, net voordat de boot de wal raakt, op haar stoeltje neer te ploffen.

Heen en weer, gaat het bootje. Heen en weer. Waar een veerboot vaart, is de Zwitser Heinz Hermann Polzer, beter bekend als Drs. P. , nooit ver weg. U herinnert zich vast de Veerpont nog, het lied waarin hij enige nuttige veermans-overdenksels met ons deelt. Helaas loopt dat verhaal niet goed af. De boot raakt overvol. Zelfs zijn laatste wanhopige uitroep: ‘Wees nou toch verstandig mensen!’ kan niet voorkomen dat het pontje zinkt.

Zo treurig gaat het hier niet worden gelukkig. Elke avond, klokslag acht uur wordt de Jung II weer veilig aangemeerd in Uikhoven. Als de laatste passagiers aan wal zijn, verlaat de twee-koppige bemanning de boot om drie meter verderop in de auto te stappen en huiswaarts te keren. Zoals gezegd, geen dramatisch einde. Maar toch heeft het ook iets spijtigs: een kapitein die naar zijn autosleutels zoekt, terwijl dat pontje daar zo leeg in het water ligt.

Deze column is gepubliceerd in de Limburgse kranten op 25 augustus 2017.

 

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.