Karretjes

Illustratie: Annemiek Janmaat
Illustratie: Annemiek Janmaat

‘Eigenlijk wil ik het liefst zo weinig mogelijk van al die ellende weten. Ik kijk geen televisie meer. En het nieuws in de krant: louter beelden van mensen in veel te gammele bootjes en kinderen onder meters puin. Wat moet ik er allemaal mee? Het maakt me zo…’ De vrouw met wie ik op bevrijdingsdag aan de praat ben geraakt, zoekt naar het juiste woord. ‘Machteloos?’ gok ik. ‘Ja,’ zegt ze ‘dat is precies het woord. Maar het zou allemaal minder erg zijn, als ik niet zoveel aan mijn fiets had hangen.’

Dat zijn inderdaad geen vrolijke slingers maar karretjes vol zorgen. Om haar ouders die steeds gebrekkiger worden. Het is al lang niet meer verantwoord dat ze nog zelfstandig wonen. ‘Maar ja, eigenwijs hè? En ze weten dat ik toch wel kom.’ Ook heeft ze nog een zoon. Hij heeft tot zijn vijfentwintigste zwaar gestudeerd en moet nu genoegen nemen met een flutbaantje in een callcentre. Het geld dat hij verdient is amper genoeg om de kamerhuur van te betalen. ‘Ik geloof dat ik hem terug naar huis haal. De hele dag bellen om klanten abonnementen aan te smeren. Hij zeurt niet, maar ik weet dat hij van binnen sterft.’

In oorlogstijd is het eenvoudig de vrijheid te definiëren: de vijand moet verslagen. Als dat gebeurd is, gaat de strijd om in vrijheid te mogen leven op een andere manier door. Kunnen kiezen, wat je wel en niet wil weten, is daar een vorm van. Móeten kiezen, omdat je ook maar een mens bent, is dat zeker niet.

Deze column is gepubliceerd in Dagblad de Limburger en het Limburgs Dagblad op 8 mei 2015.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.