Oude weg

 

Illustratie: Annemiek Janmaat

Deze weg ken ik nog uit de tijd dat ik er dagelijks fietste als scholier. Niet meer dan een rechte strook asfalt was het, aan weerszijden ingeklemd door een fietspad. Eenmaal het dorp uit, zag je eerst nog een enkele boerderij, maar al gauw begaf je je tussen de boomgaarden en weilanden. Tot bij het letterlijke hoogtepunt van de weg naar school: het viaduct over de snelweg naar Eindhoven. Was je dat eenmaal voorbij, dan zag je in de verte al de sparrenbosjes die naar buurtschap de Boekend voerden. Bosjes waarover, vanwege de verhalen over enge mannen in witte Mercedessen, een waas van schimmigheid lag.

De strook asfalt ligt er nog steeds. Alleen is hij nu dubbel zo breed en met een bedenkelijk soort enthousiasme opgetuigd met rotondes, verkeerslichten en wegwijzers. De weilanden zijn versteend. Waar eerder gras groeide, staan nu tankstations en loodsen. Gevuld met spullen die ruiken naar wat men vooruitgang noemt. Er lopen groepjes mensen langs de weg. Het merendeel mannen. Sommigen bijten in een boterham. Ze doen een blokje om, dan kunnen ze zo meteen weer fris aan de bak. Er moet brood op de plank, geld in de la. Voor huur of hypotheek. Water, licht en internet. En niet te vergeten, kaartjes voor de zitting zodat ze nog eens lekker kunnen lachen.

Niemand om naar te wenken. De mensen die hier lopen, ken ik niet meer. Vreemd, terwijl ik hen vanuit de auto gadesla, is het alsof ik niet hén maar juist mezelf zie. Iemand die door de geblokte hallen heen de tijd in kijkt en daar de koeien nog ziet staan. Zeker, zo hou ik mezelf voor: het leven gaat door, ook waar je niet bent. En fijn ja, dat de economie is aangetrokken. Maar stel, dat we er straks samen achterkomen dat we alles hebben al, dat het best een tandje minder kan. Mogen dan de weilanden terug?

Deze column is gepubliceerd in Dagblad de Limburger op 20 januari 2018.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.